Als de kiezen van onder- en bovenkaak niet goed op elkaar passen kan worden besloten om dit te verbeteren door ‘inslijpen’ van tanden en kiezen. Als uit het onderzoek van de mond (het functieonderzoek kauwstelsel (G21) is gebleken dat daar verschillende tanden en kiezen bij zijn betrokken, dan wordt dit eerst buiten de mond nagebootst.
Daartoe worden afdrukken van de onder- en bovenkaak gemaakt en een wasbeet registratie van de ideale positie van de onderkaak. Buiten de mond in een speciaal apparaat, een ‘articulator’, wordt de situatie in de mond nagebootst en kan het corrigeren van de tand- en/of kiescontacten eerst op de gipsmodellen van het gebit worden uitgevoerd.
De correcties worden schriftelijk vastgelegd (inslijpplan). Door deze handeling kan het eindresultaat worden beoordeeld voordat daadwerkelijk in de mond wordt ingeslepen. Als de correcties mogelijk zijn en tot een gewenst resultaat leiden, wordt de procedure besproken en vervolgens in de mond uitgevoerd aan de hand van het inslijpplan.
In het kader van de behandeling van pijn en disfunctie van de kaak wordt deze behandeling niet (meer) toegepast. Bij standsverandering van de onderkaak door bijvoorbeeld traumata, verkeerd uitgevoerd kroon- en brugwerk of chirurgische ingrepen kan planmatig inslijpen behulpzaam zijn.
Om je tijdens de overstapweken een handje te helpen, geven we informatie over hoe het zit met de zorgverzekering en de aanvullende tandartsverzekering.
Lees meer over de zorgverzekering en de aanvullende tandartsverzekering.